direct naar inhoud van 7.3 Resultaten onderzoeken
Plan: Amstelstation e.o.
Plannummer: M1006BPSTD
Status: ontwerp
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0363.M1006BPSTD-OW01

7.3 Resultaten onderzoeken

Cauberg-Huygen heeft een akoestisch onderzoek verricht voor het bestemmingsplan 'Amstelstation e.o. Het onderzoek en de resultaten daarvan zijn beschreven in het rapport 'Bestemmingsplan Amstelstation e.o. Amsterdam; geluidonderzoek Wet geluidhinder' d.d. 28 april 2011, referentie 20080055-07 (het rapport is als bijlage bij de toelichting bijgevoegd0.

Binnen het plan worden nieuwe woon-, werk- en commerciële voorzieningen gerealiseerd. De geluidgevoelige bestemmingen binnen dit plan zijn de woonbestemmingen. Woonbestemmingen zijn aanwezig in:

  • Blok A- naast kanoren en dienstverlening;
  • Blok B- naast winkels en dienstverlening;
  • Blok C- naast winkels;
  • Blok D- naast hotelfunctie.

De geplande woningen worden door geluid belast afkomstig van de reconstrueren Julianalaan (Julianaplein), de Gooiseweg, de Wibautstraat, de Treublaan, de Hugo de Vrieslaan/Overzichtsweg en het spoortraject Amsterdam Centraal - Duivendrecht. Bovendien vallen de beoogde nieuwe woningen binnen de milieuzone(s) van het nieuwe busstation ten noorden van blok D.

Bij indicatieve onderzoeken is gebleken dat de kans op de noodzaak van een of meerdere dove gevels aanwezig is. Daarnaast zijn de vanuit het gemeentelijke geluidbeleid voorgeschreven stille zijden een zeer belangrijk aandachtspunt. Dit beleid verlangt een inspanningsplicht om stille zijden voor ieder woning te realiseren.

Wegverkeerslawaai
De Gooiseweg is een autoweg, de overige geluidrelevante wegen, Wibautstraat, Mr Treublaan, Julianaplein en de Hugo de Vrieslaan zijn stedelijke wegen. De zone langs de Gooiseweg is buitenstedelijk gebied, de zones langs de overige wegen zijn stedelijk gebied. De Gooiseweg en de Wibautstraat hebben twee keer twee rijstroken, de overige wegen hebben twee keer één rijstrook. De zone van de Gooiseweg bedraagt 400 meter, de zone van de Wibautstraat bedraagt 350 meter en die van de overige wegen bedraagt 200 meter. In het onderzoek wordt de herinrichting van het nieuwe Julianaplein aangemerkt als een reconstructie van een bestaande weg (Julianalaan). Dit betekent dat voor het bepalen van de maximale ontheffingswaarde uitgegaan mag worden van een reeds bestaande weg.

De voorkeursgrenswaarde voor woningen is 48 dB. De nieuwe woningen liggen binnen het stedelijk gebied, langs bestaande wegen. Er geldt een maximale ontheffingswaarde van 63 dB. Bij een overschrijding van de voorkeursgrenswaarde, maar niet van de maximale ontheffingswaarde dient een ontheffing te worden aangevraagd bij het dagelijks bestuur (hogere waarde). Bij een overschrijding van de maximaal te verlenen ontheffingswaarde is in principe geen bouw van woningen mogelijk tenzij deze worden voorzien van dove gevels of geluidsschermen.

Ten gevolge van wegverkeer op de Gooiseweg/Prins Bernhardplein/Wibautstraat vinden overschrijdingen van de voorkeursgrenswaarde van 48 dB plaats maar niet van de maximale ontheffingswaarde van 53 DB, die geldt voor de Gooiseweg.

Ten gevolge van wegverkeer op de Hugo de Vrieslaan/Overzichtsweg vinden overschrijdingen van de voorkeursgrenswaarde van 48 dB plaats maar niet van de maximale ontheffingswaarde van 63 dB.

Ten gevolge van wegverkeer op de te wijzigen Julianaplein vinden overschrijdingen van de voorkeursgrenswaarde van 48 dB plaats maar niet van de maximale ontheffingswaarde van 63 dB. De inrichting van het Julianaplein is vastgesteld en vastgelegd in dwarsprofielen. Met deze inrichting wordt voldaan aan de maximale ontheffingswaarde indien de woningen in blok C vanaf de tweede bouwlaag zijn toegestaan, waarbij het vloerniveau van de tweede bouwlaag tenminste 3,4 meter bedraagt. Indien vanaf de eerste bouwlaag woningen zijn toegestaan zal een dove gevel noodzakelijk zijn.

Ten gevolgen van wegverkeer op de Mr. Trueblaan vinden overschrijdingen van de voorkeursgrenswaarde van 48 dB plaats maar niet van de maximale ontheffingswaarde van 63 dB.

Spoorweglawaai
Het spoortraject Amsterdam Centraal - Duivendrecht heeft aan weerszijden een zonebreedte van 500 meter. het plan ligt binnen deze geluidzone. Voor woningen binnen deze zone geldt een voorkeurswaarde van 55 dB en een maximale ontheffingswaarde van 68 dB.

De voorkeursgrenswaarde wordt op veel plaatsen in het plan overschreden maar de maximale ontheffingswaarde wordt niet overschreden, uitgezonderd op de westgevel (zijde spoorweg) van blok D. Deze gevel dient, tenzij geen sprake is van een geluidgevoelige bestemming (kantoor, hotel), als dove gevel te worden uitgevoerd of te worden voorzien van een gebouwgebonden geluidscherm. In de figuur zijn de dove gevels van blok D weergegeven.

afbeelding "i_NL.IMRO.0363.M1006BPSTD-OW01_0011.jpg"

Figuur 11: blok D

Trein- en metrostation
Het trein- en metrostation is een inrichting die valt onder de Wet milieubeheer (Wm). Het trein- en metrostation heeft twee treinsporen aan de uiterste zijden en twee metrosporen in het midden. Op korte afstand van het treinstation is een woonbestemming mogelijk (blok D).

Optredende geluiden als gevolg van de inrichting Wm kunnen zijn:

  • omroepgeluid via de stationsomroepinstallaties;
  • (fluit)signalen vlak voor het vertrekken van treinen of metro's;
  • spraakgeluiden van mensen op de perrons;

Het geluid van rijdende, afremmende en optrekkende treinen en metro's zelf wordt gerekend onder spoorweggeluiden vallend onder het regime van de Wet geluidhinder.

Uit metingen zijn de geluidniveaus ter plaatse van de woningen van blok D berekend. De maatgevende geluidniveaus bedragen maximaal 51 dB(A) etmaalwaarde en circa 65 dB(A) piekgeluidsniveau etmaal.

Als gangbare grenswaarden worden veelal 50 dB(A) voor gemiddelde geluidsniveaus en 70 dB(A) etmaal voor piekniveaus gehanteerd. Deze gangbare normering is de grootste gemene deler die voor de meeste gebiedstypen passend is. In onderhavige situatie kunnen door het bevoegd gezag echter grenswaarden tot 55 dB(A) gemiddeld etmaal en 75 dB(A) als acceptabel worden geacht, gezien het grote belang dat het station heeft voor het gebied in relatie tot de stedenbouwkundige en planologische ontwikkelingen in het gebied. De waarden ter plaatse van de woninggevels worden niet overschreden.

Eventuele hinder door het trein- en metrostation is op een aanvaardbaar niveau.

Toets aan grenswaarden cumulatie Gemeentelijk geluidbeleid
De gecumuleerde geluidbelasting is berekend en getoetst aan de maximale ontheffingswaarde. Uit berekeningen blijkt dat de gecumuleerde geluidbelastingen afkomstig van verschillende geluidbronnen niet tot extra dove gevels of gebouwgebonden geluidschermen leiden, dan de locatie die vanuit de toets per geluidbron aan de Wet geluidhinder een dove gevel moeten hebben.

Hogere waarden
Wanneer geluidsbeperkende maatregelen niet of in onvoldoende mate gerealiseerd kunnen worden, biedt de Wet geluidhinder de mogelijkheid hogere geluidswaarden vast te stellen. De maximaal toelaatbare waarde bedraagt voor de geluidhinder van stedelijke wegen 63 dB en voor spoorbanen 68 dB. De maximaal toelaatbare waarde van 63 dB van wegverkeerslawaai wordt niet overschreden. De maximale waarde van 68 dB van railverkeerslawaai wordt alleen aan de westgevel van toren D overschreden. Indien de voorkeursgrenswaarde wordt overschreden, kan binnen de systematiek van de Wet geluidshinder een hogere waarde (ontheffing op de geluidsbelasting) worden verleend door het dagelijks Bestuur. Voorwaarde is dat het toepassen van maatregelen gericht op het terugbrengen van de geluidsbelasting onvoldoende doeltreffend zijn, of overwegende bezwaren van stedenbouwkundige, verkeerskundige, landschappelijke of financiële aard een rol spelen.

Het plangebied biedt geen ruimte om de geluidsgevoelige bebouwing op voldoende afstand van de wegen en spoorbaan te projecteren.

Maatregelen aan wegen
Het Amsterdamse verkeersbeleid is gericht op beperking van het autoverkeer. Een extra plaatselijke beperking van het autoverkeer op de wegen in en rondom het plangebied zou ten koste gaan van de bereikbaarheid van het Amstelstation en omgeving. Maatregelen ter verlaging van de verkeerssnelheid worden op de wegen in en rondom het plangebied niet voorzien en zijn ook niet wenselijk gezien de belangrijke verkeersfunctie van de wegen en het gebruik van de wegen door het openbaar vervoer. Amsterdam heeft het beleid dat bij groot onderhoud van wegen het nieuwe wegdek waar mogelijk zal bestaan uit een geluidsreducerende asfaltsoort. Geluidsreducerend asfalt kan de geluidsbelasting van de stedelijke wegen met ongeveer 3 dB terugdringen, maar kan om wegbouwkundige redenen vaak niet aangelegd worden. Geluidsreducerend asfalt slijt in bepaalde omstandigheden onaanvaardbaar snel. De aanwezigheid van kruispunten, verkeerslichten en putten versnellen dat proces. Om deze redenen wordt geluidsreducerend asfalt zeer beperkt op het Amsterdamse wegennet toegepast. De kosten van het versneld opnieuw aanleggen zijn in dat proces vaak doorslaggevend. Omdat op dit moment de aanleg van geluidsreducerend asfalt niet wordt voorzien, is hiermee geen rekening gehouden

Maatregelen aan het spoor
De treinen en de spoorbaan zijn geen eigendom van Amsterdam. Geluidsbeperkende maatregelen aan de treinen en railconstructie zijn gezien de kosten en de beperkte omvang van het project geen reële optie.

Maatregelen in het gebied tussen de wegen, spoor en de woningen.
Plaatsing van geluidschermen langs stedelijke wegen is geen optie. Ook de plaatsing van een scherm langs de spoorbaan is niet realistisch gezien de benodigde lengte en hoogte van het scherm. Geluidsschermen langs de spoorwegen leiden pas tot de gewenste geluidsreducties indien de geluidsschermen zeer hoog en zeer lang worden uitgevoerd. Ter vergelijking: schermen een weerszijden van de stationskap met een hoogte van 8 meter leiden pas op een beperkt aantal locaties tot de gewenste voorkeursgrenswaarde van 55 dB. Ter plaatse van de meeste woningen is slechts sprake van een afname met 2 dB, waardoor nog steeds een overschrijding van de voorkeursgrenswaarde optreedt. De kosten die gepaard gaan met de realisatie van deze schermen staan niet in verhouding tot de geringe geluidsreductie. Ook om stedenbouwkundige redenen zijn schermen van deze omvang niet gewenst.

Maatregelen aan de woningen.
Een andere maatregel is de realisatie van dove gevels op locaties waar de maximaal toelaatbare waarde wordt overschreden. Dove gevels vereisen geen toetsing aan de normen van de Wet geluidhinder. Deze gevels dragen ook zorg voor het wettelijk vereiste geluidsniveau in de woningen. Dove gevels zouden ook overwogen kunnen worden daar waar de voorkeursgrenswaarde wordt overschreden maar niet de maximaal toelaatbare waarde. Vanuit kostenoverwegingen en omdat dove of vliesgevels praktische bezwaren hebben, is het reëel voor vaststelling van hogere geluidswaarden te kiezen.

Toets aanwezigheid stille zijden - Amsterdam geluidbeleid
Volgens het geluidbeleid dienen woningen waarvoor hogere waarden zijn vastgesteld, in principe te beschikken over een stille zijde. Van dat principe kan slechts worden afgeweken op grond van zwaarwegende argumenten. Hoe groter de overschrijding van de voorkeursgrenswaarde, hoe zwaarder de motivering moet zijn. Onder een stille zijde wordt een gevel of geveldeel met een geluidsbelasting van maximaal de voorkeursgrenswaarde verstaan. Het doel hiervan is woningen te realiseren met verblijfsruimten, met name de slaapkamers, die op een natuurlijke wijze geventileerd kunnen worden zonder dat het geluidsniveau in de woning de wettelijke binnenwaarden overschrijdt. De ontwerpen van de woningplattegronden zullen op dit uitgangspunt gebaseerd moeten worden. Een dove gevel is een gevel zonder te openen delen. Het gemeentelijk geluidbeleid omvat regels voor het mogen onderbreken van een dove gevel.

Uit het akoestisch onderzoek blijkt dat op een aantal plekken niet direct een stille zijde is aan te merken. Er dienen hiertoe aanvullende maatregelen te worden getroffen. In het onderzoek worden mogelijke aanvullende maatregelen benoemd, die hieronder in de conclusie samengevat zijn opgenomen.

Blok A
Blok A wordt in hoofdzaak aan de westzijde door geluid belast afkomstig van het Julianaplein. Ook het bovendeel van de gevel aan de oostzijde, die van het Julianaplein is afgewend, ondervindt een gecumuleerde geluidsbelasting die de eis voor een stille zijde (48 dB) met maximaal 2 dB overschrijdt. De oorzaak van deze geringe overschrijding is het geluid dat afkomstig is van de zijde van het Prins Bernhardplein en van de Gooiseweg. Er zijn verschillende mogelijkheden om een stille zijde te creëren.

Zo kan een stille zijde worden bereikt door aan de noordelijke rand van de plint van blok A en tussen blok A en het oostelijk gelegen bestaande kantoorgebouw een geluidscherm te plaatsen. Om stedenbouwkundige redenen is het echter gewenst de ruimte tussen het bestaande kantoorgebouw en Blok A open te houden.

Voorts kan een stille zijde aan de oostgevel volledig bereikt worden door galerijen aan deze zijde te situeren, waarvan de (bijvoorbeeld verglaasde) balustraden een hoogte hebben van 1,8 meter en waarvan de onderzijden van de galerijplaten zijn voorzien van een geluidabsorberend plafond.

Een derde mogelijkheid tot het creëren van een stille zijde is het toepassen van serres. Voor deze serres gelden bijzondere voorwaarden van geluidabsorptie in de vereiste permanente ventilatiestroken.

Het toepassen van een scherm is in stedenbouwkundig opzicht niet wenselijk. De afmetingen staan bovendien niet in verhouding tot de geringe geluidreductie en het kleine aantal woningen waarvoor het scherm dient. De andere maatregelen brengen te veel kosten met zich mee in relatie tot de vereiste geluidreductie.

Gelet op de zwaarwegende stedenbouwkundige en financiele argumenten is het gerechtvaardigd voor blok A de mogelijkheid te creeren om af te wijken van de eis van een stille zijde. Hierbij zij opgemerkt dat het geluidniveau op de gevel mede afhankelijk is van de te kiezen asfaltverharding. Daarom voor voor blok A in de regels de mogelijkheid opgenomen om middels een omgevingsvergunning van de eis van een stille zijde af te wijken eze bouwregel af te wijken.

Blok B
Blok B wordt in hoofdzaak aan de westzijde door geluid belast afkomstig van het Julianaplein. De oostzijde, die van het Julianalaan is afgewend, ondervindt een gecumuleerde geluidbelasting die aan de eis voor een stille zijde (48 dB) voldoet. De meeste woningen aan de zijde van het Julianaplein hebben, bij tweezijdige oriëntatie, direct een stille zijde indien het blok wordt voorzien van een binnenhof. Eenzijdig georiënteerde woningen aan het Julianaplein dienen een stille zijde te krijgen door middel van serres. Voor deze serres gelden bijzondere voorwaarden van geluidabsorptie in de vereiste permanente ventilatiestroken.

Blok C
Ook blok C wordt in hoofdzaak belast aan de westzijde door geluid afkomstig van het Julianaplein. Een deel van de oostzijde, die van het Julianaplein is afgewend ondervindt een gecumuleerde geluidbelasting die aan de eis voor een stille zijde (48 dB) voldoet. De meeste woningen hebben, bij tweezijdige oriëntatie, direct een stille zijde indien het blok wordt voorzien van een binnenhof. Eenzijdige georiënteerde woningen aan het Julianaplein dienen een stille zijde te krijgen door middel van serres. Voor deze serres gelden bijzondere voorwaarden van geluidabsorptie in de vereiste permanente ventilatiestroken.

Blok D
Blok D wordt aan de westzijde in hoofdzaak belast door geluid afkomstig van de spoorweg. De voet van het blok wordt meerzijdig door geluid belast afkomstig van de Hugo de Vrieslaan en het Julianaplein. Het blok kent geen stille zijden. Voor alle gevels geldt dat stille zijden dienen te worden gerealiseerd door middel van serres of door galerijschermen. Voor de serres en de galerijschermen gelden bijzondere voorwaarden van geluidabsorptie.

Het busstation wordt niet aangemerkt als een inrichting in de zin van de Wet Milieubeheer. Echter, in het kader van een goede ruimtelijke ordening is de geluidproductie van het busstation in relatie tot de nabijheid van woningen nader beschouwd.

Het busstation dient voor 12 buslijnen, waarvan 1 nachtlijn en internationale bussen. Maatgevend voor de beoordeling van mogelijke geluidhinder door het busstation zijn de woningen aan de noordzijde van blok D, deze woningen zijn mogelijk vanaf een hoogte van 25 meter ten opzichte van het plaatselijk maaiveld.

Optredende geluiden als gevolg van het busstation kunnen zijn:

  • af- en aanrijden van bussen op het terrein van het busstation;
  • stationair draaien van busmotoren;
  • praten van mensen op het busstation.

Als gangbare grenswaarden worden veelal 50 dB(A) voor gemiddelde geluidsniveaus en 70 dB(A) etmaal voor piekniveaus gehanteerd. Deze gangbare normering is de grootste gemene deler die voor de meeste gebiedstypen passend is. In onderhavige situatie kunnen door het bevoegd gezag grenswaarden tot 55 dB(A) gemiddeld etmaal en 75 dB(A) als acceptabel worden geacht, gezien het grote belang dat het busstation heeft voor het gebied.

De grenswaarde voor piekniveaus wordt overschreven tot een hoogte van 52 meter boven plaatselijk maaiveld. De noordgevels van de woningen van blok D zullen met galerijschermen of met verglaasde serres over de volledige woningbreedten een voldoende laag geluidniveau van het busstation ondervinden. Als deze voorzieningen niet worden ingezet, dan dient de genoemde noordgevel tot een hoogte van 50 meter als doof te worden uitgevoerd of dient deze gevel te worden voorzien van gebouwgebonden geluidschermen, waarachter wordt voldaan aan de gestelde grenswaarden.

Bestaande woningen
De bestaande woningen zijn de woningen gelegen aan het IJslandtpad en aan de Bertrand Russellstraat. De berekeningsresultaten zijn als volgt:

  • De geluidbelastingen afkomstig van wegverkeer nemen ter plaatse van twee woningen grenzend aan het IJslandtpad toe, van minder dan 1 tot maximaal 1.2 dB. Deze toenames zijn het gevolg van de plaatsing van een nieuw gebouw aan de andere zijde van de Hugo de Vrieslaan/Overzichtsweg. Bij de overige woningen vindt geen verslechtering plaats;
  • De geluidbelastingen afkomstig van wegverkeer nemen ter plaatse van de woningen aan de Bertrand Russellstraat af met minimaal 1,5 dB. Deze afname is het gevolg van de geluidafschermende werking door de nieuwbouw.
  • De geluidbelastingen afkomstig van de spoorwegen nemen ter plaatse van een woning die grenst aan het IJslandtpad niet toe
  • De geluidbelasting afkomstig van het spoor nemen ter plaats van de woningen aan de Bertrand Russellstraat af met minimaal 1,5 dB

Enerzijds zijn de berekende toenames van de wegverkeerslawaaibelastingen bij de woningen langs het IJslandtpad zodanig (maximaal 1,2 dB) dat deze met het eigen gehoor, ook door het fluctuerende karakter van het verkeersgeluid, naar verwachting moeilijk waarneembaar zullen zijn. Anderzijds is een afname van geluidbelasting berekend.