direct naar inhoud van Artikel 39 Algemene wijzigingsregels
Plan: Landelijk Noord
Status: ontwerp
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0363.N0910BPSTD-OW01

Artikel 39 Algemene wijzigingsregels

39.1 Ten behoeve van overschrijding bestemmingsgrenzen

Het dagelijks bestuur is bevoegd de in het plan opgenomen bestemmingen te wijzigen ten behoeve van overschrijding van bestemmingsgrenzen, voor zover zulks van belang is voor een technisch betere realisering van bestemmingen of bouwwerken dan wel voor zover zulks noodzakelijk is in verband met de werkelijke toestand van het terrein; de overschrijdingen mogen echter niet meer dan 3 m bedragen en het bestemmingsvlak mag met niet meer dan 10% worden vergroot.

39.2 Ten behoeve van de bestemming Horeca

Het dagelijks bestuur is bevoegd de bestemming te wijzigen in de bestemming Horeca, met inachtneming van het volgende:

  • a. planwijziging wordt uitsluitend toegestaan voor percelen binnen de bebouwingsconcentraties van de kernen Durgerdam, Holysloot, Ransdorp en Zunderdorp;
  • b. planwijziging wordt uitsluitend toegestaan indien de horecafunctie valt binnen de horecacategorie¬†IV;
  • c. de functie mag uitsluitend binnen het bouwvlak plaatsvinden;
  • d. er mogen na toepassing van de wijzigingsbevoegdheid geen nieuwe gebouwen worden gebouwd en bestaande gebouwen mogen niet worden uitgebreid;
  • e. de bestemming van het gehele bouwvlak dient gewijzigd te worden in de bestemming Horeca, en voorzien te worden van de aanduiding 'specifieke vorm van horeca-4' waaruit blijkt dat alleen horeca vallend onder horecacategorie IV is toegestaan;
  • f. per kern mag maximaal 2 maal gebruikgemaakt worden van deze wijzigingsbevoegdheid;
  • g. parkeren ten behoeve van de nieuwe bestemming dient op eigen terrein en binnen het bestemmingsvlak plaats te vinden.

39.3 Ten behoeve van waterberging

Het dagelijks bestuur is bevoegd om ten behoeve van permanente waterberging de huidige bestemming te wijzigen in de bestemming Water, met inachtneming van het volgende:

  • a. planwijziging mag uitsluitend worden toegepast indien de aanwezige natuur- en landschapswaarden niet worden geschaad;
  • b. planwijziging wordt uitsluitend verleend indien de karakteristiek van het landschap niet in onevenredige mate wordt geschaad;
  • c. na wijziging is artikel 22 overeenkomstig van toepassing.