direct naar inhoud van Artikel 22 Algemene aanduidingsregels
Plan: Park de Meer
Status: ontwerp
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0363.M1206BPSTD-OW01

Artikel 22 Algemene aanduidingsregels

22.1 Veiligheidszone - leiding - gas
22.1.1 Aanduidingsomschrijving

De gronden binnen de gebiedsaanduiding 'veiligheidszone - leiding - gas' zijn, naast de voor die gronden van toepassing zijnde basisbestemming en de dubbelbestemmingen – tevens aangewezen om de vestiging van functies ten behoeve van minder zelfredzame personen tegen te gaan.

22.1.2 Bouwregels

Op de in 22.1.1 bestemde gronden mag worden gebouwd overeenkomstig de aanwezige basisbestemming en de dubbelbestemming(-en).

22.1.3 Gebruiksregel

Nieuwe functies ten behoeve van minder zelfredzame personen zijn niet toegestaan op de gronden aangewezen als 'veiligheidszone – leiding - gas'.

22.1.4 Wijzigingsbevoegdheid

Het Dagelijks Bestuur is bevoegd, overeenkomstig het bepaalde in artikel 3.6, lid 1, onder a, van de Wet ruimtelijke ordening het bestemmingsplan te wijzigen indien dat vanwege wijziging in de regelgeving omtrent externe veiligheid mogelijk of noodzakelijk is.

22.2 Veiligheidszone - vervoer gevaarlijke stoffen
22.2.1 Aanduidingsomschrijving

De gronden binnen de gebiedsaanduiding 'veiligheidszone - vervoer gevaarlijke stoffen' zijn, naast de voor die gronden van toepassing zijnde basisbestemming en de dubbelbestemmingen – tevens aangewezen om de vestiging van functies ten behoeve van minder zelfredzame personen tegen te gaan.

22.2.2 Gebruiksregels

Op de in 22.2.1 bestemde gronden mag worden gebouwd overeenkomstig de aanwezige basisbestemming en de dubbelbestemming(-en).

22.2.3 Gebruiksregels

Nieuwe functies ten behoeve van minder zelfredzame personen zijn niet toegestaan op de gronden aangewezen als 'veiligheidszone - vervoer gevaarlijke stoffen'.

22.2.4 Wijzigingsbevoegdheid

Het Dagelijks Bestuur is bevoegd, overeenkomstig het bepaalde in artikel 3.6, lid 1, onder a, van de Wet ruimtelijke ordening het bestemmingsplan te wijzigen indien dat vanwege wijziging in de regelgeving omtrent externe veiligheid mogelijk of noodzakelijk is.

22.3 Milieuzone - zones Wet milieubeheer - lucht
22.3.1 Aanduidingsomschrijving

De gronden binnen de gebiedsaanduiding 'milieuzone - zones Wet milieubeheer - lucht' zijn, naast de voor die gronden van toepassing zijnde basisbestemming en de dubbelbestemmingen tevens aangewezen om de vestiging van nieuwe gevoelige bestemmingen tegen te gaan.

22.3.2 Bouwregels

Op de in 22.3.1 bestemde gronden mag worden gebouwd overeenkomstig de aanwezige basisbestemming en de dubbelbestemming(-en).

22.3.3 Gebruiksregels

Nieuwe gevoelige bestemmingen zijn niet toegestaan op de gronden aangewezen als 'milieuzone - zones Wet milieubeheer - lucht'.

22.3.4 Ontheffing gebruik

Het Dagelijks Bestuur kan bij omgevingsvergunning ontheffing verlenen van het bepaalde in 22.3.3, onder de voorwaarde dat:

  • a. uit onderzoek is gebleken dat er geen milieubeperkingen aanwezig zijn die het gebruik onmogelijk maken;
  • b. advies is verkregen van de GGD ten aanzien van de luchtkwaliteit;
  • c. voor de toevoeging van de gevoelige bestemmingen geen uitbreiding van het bebouwd oppervlak plaatsvindt.
22.3.5 Wijzigingsbevoegdheid

Het Dagelijks Bestuur is bevoegd, overeenkomstig het bepaalde in artikel 3.6, lid 1, onder a, van de Wet ruimtelijke ordening het bestemmingsplan te wijzigen indien dat vanwege wijziging in de regelgeving omtrent luchtkwaliteit mogelijk of noodzakelijk is.